‘Oplossingpercentage woninginbraken te laag’ Print E-mail

Het oplossingpercentage van woninginbraken in Gemert-Bakel en Laarbeek moet omhoog. Dat vindt afdelingschef Gert-Jan Hegge van politie Gemert-Laarbeek. Hij roep daarom de hulp in van de inwoners. Uit het jaarverslag van de afdeling blijkt dat het aantal woninginbraken in 2011 afgenomen is. In Gemert-Bakel daalde het aantal woningbraken van 87 in 2010 naar 73 in het voorbije jaar. In Laarbeek bleef het cijfer nagenoeg gelijk: 65 in 2011 tegen 66 in 2010. In 94 procent van de gevallen kon niet achterhaald worden wie de inbraak gepleegd had.

‘Oplossingpercentage woninginbraken te laag’

Het tegengaan van woninginbraken blijft ook in 2012 een speerpunt van de politie. Volgens Hegge zijn er in de regio twee typen inbrekers actief: de reizigers en de stropers. De eerste groep opereert niet in de eigen leefomgeving. “Reizigers plegen in een voor hen nieuw gebied een aantal inbraken achter elkaar en zijn dan weer direct verdwenen. Vaak zoeken ze woningen op die dicht bij de snelweg liggen, zodat ze zich snel uit de voeten kunnen maken.” Stropers slaan hun slag dichter bij huis. “Ze breken meestal niet bij de buren in, maar zijn wel actief binnen hun sociale setting. Iemand die bijvoorbeeld in Gemert woont, maar in Boekel vrienden heeft en daar uitgaat heeft dan de neiging om in het tussenliggende gebied in te breken. Door het gedrag van deze laatste groep te analyseren kunnen we steeds nauwkeuriger voorspellen waar en wanneer ze op stroperspad gaat.” De politie heeft niet in beeld welk type inbreker de overhand heeft.

Lastig
Wat wel vaststaat is dat meeste daders ermee weg komen. Slechts zes procent van de woninginbraken in Gemert-Bakel en Laarbeek wordt opgelost.“Dat is veel te weinig”, vindt Hegge. Volgens de afdelingschef is er sprake van een landelijke trend. “Het blijkt in de praktijk steeds lastiger om verdachten te linken aan een of meerdere inbraken. Nadat ze aangehouden zijn, krijgen ze tegenwoordig direct een advocaat toegewezen. Juristen geven verdachten het advies om zoveel mogelijk hun mond te houden en maximaal één zaak te bekennen, zodat ze een lagere straf krijgen. We moeten dan voor ieder afzonderlijk geval bewijzen dat ze op het moment van de misdaad op de plaats delict zijn geweest. Dat is geen eenvoudige opgave.

Burgers
Hegge wil inwoners actief betrekken bij het voorkomen van woningbraken en het opsporen van de daders. “De politie kan niet overal tegelijk zijn. Daarvoor hebben we te weinig mensen. We hebben daarom de ogen en de oren van de burgers nodig. Als zij goed in de gaten houden wat er om hen heen gebeurt en melding doen van verdachte zaken dan wordt de pakkans aanzienlijk vergroot.”

Inbrakenteam
Binnen de regio is sinds anderhalf jaar een woninginbrakenteam actief. Het team probeert via sociale media als Twitter en de website www.stopwoninginbraak.nl inwoners ervan bewust te maken dat zij zelf kunnen bijdragen aan de vermindering van het aantal woninginbraken. Op de site staat bijvoorbeeld een kaartje waarop bezoekers kunnen zien waar er in hun eigen leefomgeving ingebroken is en welke methoden daarbij gebruikt worden.

Veilig wonen
“Voor het merendeel van de mensen is een woninginbraak een ver-van-mijn-bed-show”, stelt Hegge. “Tot ze er zelf slachtoffer van worden. Dat is dan vaak een ingrijpende ervaring, omdat men zich dan lange tijd niet meer veilig voelt in eigen huis. En dat is juist de plek waar mensen zich geborgen voelen. Die geborgenheid is niet zo vanzelfsprekend als menigeen denkt.” Woningbezitters kunnen de risico’s op een inbraak wel verkleinen. “De cijfers bevestigingen dat. In 22 procent van de gemelde gevallen in het bij een poging tot inbraak gebleven. Goed hang- en sluitwerk werpt zijn vruchten af. Als dat aan het Politiekeurmerk Veilig Wonen voldoet neemt de kans dat het dievengilde er met de flatscreen, bankpasjes en de autosleutel vandoor gaat aanzienlijk af. Het loont evenzeer om ramen en deuren te sluiten als je een ruimte verlaat. Dat lijkt simpel, maar toch gebeurt het vaak niet. De politie houdt regelmatig acties in de wijk om inwoners hierop te wijzen en treft dan met regelmaat een openstaand venster of een deur die niet op slot zit aan.”

Verantwoordelijkheid
Hegge wijst inwoners op hun verantwoordelijkheid: “De politie is geen duizenddingendoekje dat overal voor gebruikt kan worden en waarmee je alles kunt wegpoetsen.
Een groot deel van de problemen binnen onze samenleving zal door de mensen zelf opgelost moeten worden. De overheid waakt over de openbare orde en veiligheid. Op lokaal niveau voert de gemeente de regie. Bij de uitvoering van deze wettelijke plicht zijn instanties als politie, welzijnswerk en jeugdzorg betrokken. We zijn dus maar een deel van het geheel. Dat wordt vaak vergeten. Het is bijvoorbeeld te gek voor woorden dat een agent de hele nacht bij een psychisch verwarde persoon moet blijven, omdat deze niet overgedragen kan worden aan hulpverlende instanties. Een integrale aanpak is in dergelijke gevallen broodnodig. Meer blauw op straat is niet het ultieme antwoord op al uw problemen. Handhaving en opsporing zijn kerntaken van de politie. De beschikbare mensen en middelen moeten daarvoor worden ingezet en dat moet zo goed en efficiënt mogelijk gebeuren.”

Bron: Gemerts Nieuwsblad

 
Facebook
LinkedIn
YouTube
Volg ons